Dat mijn huis is waar mijn hart ligt, weten jullie al langer. Nu wist onze docent tekenen ons ook wijs te maken dat je vaste verblijfplaats een autobiografie van jezelf is.
“Dat interieur en karakter samenhangen, daar twijfelt geen mens aan. Je woont in een huis, maar een huis woont ook in jou. De buitenwereld van het interieur vormt de binnenwereld van je hoofd. (…) Zeg me wat in je huis staat en ik zeg je wie je bent. Dat klopt op de gekste niveaus. We herkennen aan het interieur de sloddervos of de pietje-precies. Op een iets geraffineerder niveau kunnen we aan iemands woninginrichting aflezen of de bewoner wel ‘echt’ is. Of wil hij zichzelf en de wereld bedriegen. Ik heb het niet over stijl of smaak, die doen er hier niet zoveel toe. Ook niet of de spulletjes duur zijn of niet. Ik heb het over het huis als levensverhaal. Over de dingen als biografie.” (Gerrit Komrij – Morgen heten we allemaal Ali: Vrolijke bespiegelingen over de tijdgeest)
Je interieur als (in mijn geval rommelig) zelfportret dus. Na het rond staren in 2 kamers, observeren vanuit 7 verschillende standpunten en neerkrabbelen van 11 schetsen, kwam er een tonale studie – een compositie van licht-, schaduw- en halftoonvlakken – uit.

Beu gekeken op alle Oost-Indische inkt, zwarte stiftjes en potloden, werd het tijd voor meneer Johannes Itten en zijn kleurenleer. Uit diens kleurencirkel moesten we het stellen met de primaire kleuren rood, geel en blauw om ons interieur vorm te geven. 9 keer de kleuter uithangen met kleurpotloden (dixit de docent) later, kwam er dit uit:

Mijn badkamer, met een beetje verbeelding: donker als een Rembrandt, woest als een van Gogh.

Een gedachte over “Een stortbad aan kleuren”
Reacties zijn gesloten.