Ze weet mijn naam niet meer.
Ooit schilderde ze postkaarten na met veel precisie. Diezelfde handen kunnen haar naam niet meer schrijven. Ze bakte taarten als de beste. Met veel moeite krijgt ze nog een hap gevoerd. Zij die uitspraken in sappig dialect rond strooide, komt niet meer uit haar woorden. De eens zo fiere vrouw draagt nu een pamper.
Mijn hart krimpt verder in elkaar elke keer ze luider vraagt om haar daar weg te halen. Ze zit vastgegespt, tegen haar wil maar voor haar eigen bestwil. Vergeten dat ze een heup brak, de snelste stap naar een nieuwe breuk. En dan gaat het sneller achteruit dan die paar wankele passen vooruit waard waren.
De weinige heldere momenten, die zijn het ergst. Want dan zegt ze hardop de harde waarheid. Het enige wat ze nog wil is er niet meer zijn. Zij is er klaar mee. Ik ben degene die nog niet helder wil denken. Zolang de ontkenningsfase duurt, dwing ik haar te blijven zijn. Voor mij. Hoeveel levenskwaliteit is te weinig om nog voor te leven?
Een glimlach, daar leef ik van op. Een twinkel in die ijsblauwe ogen die een restje plezier verraadt. Wat ik haar nog kan bieden? Een knuffel, een vastgehouden hand, een kus op de rimpels vol kruimels. De laatste raakpunten met menselijke warmte. Haar hondje nog eens op haar schoot. “Zo eentje had ik ook.” Ik laat haar maar.
Ik blijf kaartjes schrijven, ook al staan die ongelezen tussen de planten op de vensterbank, waar ze meer en meer op zal beginnen lijken. Het proces kennen maakt me niet beter voorbereid. Het licht dooft langzaam uit, wat morgen brengt is in het duister tasten. Elke dag is oefenen op afscheid nemen.
Mijn lievelingsoma. Weldra wil ik niet meer op bezoek. Uit schrik voor de dag dat de dementie ook mijn mooie herinneringen aantast.


2 gedachtes over “Left with the shell of you”
Reacties zijn gesloten.